MENU

Stikstofcrisis, wat is er eigenlijk aan de hand?
27-09-2019

Na de uitspraken van de Raad van State (die deze aan de hand van deze video wereldkundig maakt) met betrekking tot de problemen rondom stikstof is er veel onzekerheid. Komt die weg er nu wel of toch niet? En komt mijn bouwproject nu stil te liggen? En wat betekent het voor de Formule 1 in Zandvoort? Dit artikel is de eerste in een reeks artikelen over de stikstofcrisis.

Waarom is stikstof een probleem?

Stikstof zit in de lucht en is een belangrijke voedingsstof voor planten, maar niet voor alle planten. Planten die leven op een voedselarme grond, zoals in de duinen, kunnen slecht tegen stikstof. Als deze planten verdwijnen, neemt de biodiversiteit (soortenrijkdom) af. 

De biodiversiteit in Europa gaat al jaren achteruit en omdat planten en dieren zich weinig aantrekken van landsgrenzen, is de natuurbescherming in Europees verband opgepakt. Zo is een Europees netwerk aan beschermde natuurgebieden ontstaan, ook wel het Natura 2000-netwerk genoemd. Nederland kent (op land en zee) ruim 160 Natura 2000-gebieden. Rondom Leiden zijn er drie Natura 2000-gebieden die stikstofgevoelig zijn: de duingebieden aan zee (Meijendel & Berkheide, Coupelduynen, Kennemerland-Zuid). Deze duingebieden hebben stikstofgevoelige fauna en flora.

Voor elk van deze Natura 2000-gebieden is een beheersplan gemaakt met instandhoudingsdoelen zodat de biodiversiteit wordt behouden. Het aanwezige stikstofgehalte is daar een element van, en in alle drie de gebieden moet het gehalte naar beneden. Daarvoor worden maatregelen getroffen, maar er zal altijd nieuwe aanvoer zijn. Stikstof komt namelijk in de lucht door dieren, auto’s en industrie en daalt vervolgens neer op de Natura 2000–gebieden, die al met teveel stikstofdepositie te kampen hebben. Alle ontwikkelingen (nieuwe bedrijven, wegen etc.) hebben een mogelijk effect op de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden. 

Stikstof

Bron: Rijksoverheid (Programma Aanpak Stikstof: achtergrond en inhoud)

Wat is het PAS?

De Wet natuurbescherming legt een zorgplicht op voor Natura 2000-gebieden en programma’s met verbetermaatregelen. Het PAS (Programma Aanpak Stikstof) is zo een programma dat in 2015 is aangenomen met als uitgangspunt verbetering, versimpeling en ruimte voor nieuwe ontwikkelingen. 

Om te voorkomen dat er altijd onderzoek moet zijn naar milieueffecten bevat het PAS ‘grenswaarden’. Als de stikstofemissie onder deze grenswaarden blijft, is geen vergunning nodig. Een grenswaarde kan de hoeveelheid stikstofuitstoot zijn of de afstand naar een Natura 2000-gebied (voor een hoofdweg geldt bijvoorbeeld een afstand van 3 km). 

Het PAS bevat ook zogeheten 'depositieruimte'. Dat is de ruimte voor nieuwe stikstof veroorzakende ontwikkelingen doordat het PAS verbetermaatregelen voorschrijft: door verbetermaatregelen (op papier) komt ruimte vrij voor nieuwe ontwikkelingen zonder dat de natuurwaarden in theorie verslechteren. Door het PAS waren nieuwe ontwikkelingen vaak vrijgesteld van de verplichting onder de milieuwetgeving: ofwel ze vielen onder de grenswaarden ofwel ze maakten gebruik van de depositieruimte. In beide gevallen hoefde niet te worden aangetoond dat er sprake was van verslechtering op de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden.

En nu? Geen automatische grenswaarden en depositieruimte meer

Na de uitspraak van de Raad van State zijn de grenswaarden en depositieruimte niet meer automatisch beschikbaar. Van nieuwe projecten moet dus worden aangetoond dat zij niet tot toename van stikstofdespositie op Natura 2000-gebieden zal leiden. De overheid is aan de slag gegaan om de problemen op te lossen. 

Deel 2 over stikstofcrisis

In het volgende deel zullen wij uiteenzetten welke gevolgen we op de korte termijn mogen verwachten en hoe dit uitpakt voor de lopende projecten in onze omgeving. 

Meer weten over de problematiek rondom stikstof?

Heeft u een bouwproject dat stilligt of stil komt te liggen door de stikstofcrisis? Of wilt u weten wat de mogelijke effecten van de stikstofcrisis op uw project zijn? Neem gerust contact op mij of een van de overige bestuursrechtadvocaten van RWV.

© 2021 RWV