MENU
zuivere aanvaarding erfenis, zuivere aanvaarding, verklaring beneficiaire aanvaarding

Het kopen van een doos gebak en enkele cadeaubonnen leidt niet tot zuivere aanvaarding van een erfenis
02-12-2021

Als erfgenaam koop je als bedankje voor het verzorgingstehuis van de overledene gebak en cadeaubonnen. En je betaalt dit van de bankrekening van de overledene. Is er dan sprake van zuivere aanvaarding van de erfenis? De Hoge Raad heeft op 29 oktober 2021 uitspraak gedaan over de vraag of deze daden van beheer wijzen op zuivere aanvaarding van de erfenis of niet.

Uit het huwelijk tussen meneer (M) en mevrouw (V) zijn drie kinderen geboren: 1 zoon (Z) en 2 dochters (D1 en D2). In 2001 overlijdt M en in juli 2014 V. In haar testament heeft zij Z en D1 tot haar enige erfgenamen benoemd. Z en D1 zijn verantwoordelijk voor de afwikkeling van de nalatenschap van V.

Kort na het overlijden van V ontruimt Z haar kamer in het verzorgingstehuis en geeft de inboedel aan een kringloopwinkel. Daarnaast geeft Z in opdracht van V een doos gebak aan het personeel van het verzorgingstehuis van V en een aantal cadeaubonnen aan haar huishoudelijke hulp. De kosten van het gebak en de cadeaubonnen betaalt hij van de bankrekening van V. De totale kosten bedragen in totaal € 31,15 voor het gebak en € 150,-- voor de cadeaubonnen.

Erfgenamen leggen verklaring van beneficiaire aanvaarding af

Drie weken later leggen Z en D1 een verklaring van beneficiaire aanvaarding af. D2 doet een beroep op haar legitieme portie.

D2 vordert een verklaring voor recht dat Z de nalatenschap van V zuiver heeft aanvaard en daarom aansprakelijk is voor alle schulden van V, en in ieder geval voor de vordering van D2 op V ter zake de nalatenschap van M. En ook voor de voldoening van haar legitieme portie in de nalatenschap van V. Z heeft namelijk na overlijden van V en zonder eerst een boedelbeschrijving te maken, de kamer leeggeruimd, een doos gebak voor het verzorgingstehuis gekocht en enkele cadeaubonnen voor de huishoudelijke hulp. Door deze handelingen kan volgens D2 worden afgeleid dat Z de nalatenschap zuiver heeft aanvaard.

Oordeel: Geen sprake van zuivere aanvaarding erfenis

De rechtbank wijst de vordering van D2 af. In hoger beroep bekrachtigt het hof het vonnis van de rechtbank. Het hof oordeelt als volgt: “Dat Z heeft beschikt over de bankrekening van moeder door ten laste daarvan het gebak voor het personeel van het verzorgingstehuis en de cadeaubonnen voor de huishoudelijke hulp te betalen, geldt niet als daad van zuivere aanvaarding.” D2 gaat in cassatie.

De Hoge Raad overweegt als volgt. Zuivere aanvaarding is, ook als deze wordt afgeleid uit gedragingen, een rechtshandeling en vereist dus een op dat rechtsgevolg gerichte wil. Het antwoord op de vraag of uit de gedragingen van een erfgenaam de bedoeling kan worden afgeleid de nalatenschap te aanvaarden, hangt af van de omstandigheden van het geval. In de parlementaire geschiedenis van artikel 4:192 lid 1 (oud) BW is onder meer opgemerkt dat van zuivere aanvaarding geen sprake is als de erfgenaam daden van beheer verricht. Van zuivere aanvaarding is wél sprake als de erfgenaam over de goederen van de nalatenschap als heer en meester beschikt, of wanneer hij, eventueel in een andere vorm dan een verklaring ter griffie, duidelijk aan de schuldeisers van de nalatenschap doet blijken dat hij de schulden van de nalatenschap geheel voor zijn rekening neemt.  

Daden van beheer wijzen niet op zuivere aanvaarding erfenis

Kortom, Uit gedragingen van een erfgenaam mag niet te snel worden afgeleid dat deze de bedoeling heeft de nalatenschap zuiver te aanvaarden.

In het licht van het bovenstaande geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting het oordeel van het hof dat Z, door in opdracht van V ten laste van de nalatenschap € 31,15 te besteden aan gebak voor het personeel van het verzorgingstehuis en € 150 aan cadeaubonnen voor de huishoudelijke hulp, zich niet ondubbelzinnig en zonder voorbehoud als een zuiver aanvaard hebbende erfgenaam heeft gedragen.

Ook het (doen) afvoeren van (delen van) een inboedel van de erflater zonder reële economische waarde naar een kringloopwinkel of milieu depot, kan niet worden aangemerkt als een daad van zuivere aanvaarding.

Meer weten over zuivere of beneficiaire aanvaarding van een erfenis?

Of heeft u een vraag over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament? Neemt u dan gerust op met mij of een van de andere erfrechtadvocaten. Wij helpen u graag verder.

Of download ons ‘Stappenplan nalatenschap: Wat te doen bij overlijden?’                                 

© 2022 RWV