De Hoge Raad heeft op 13 februari 2026 geoordeeld dat niet alleen het loon zelf, maar óók de wettelijke rente en de wettelijke verhoging bij te late betaling van het loon na datum faillissement een boedelschuld opleveren in het faillissement. 

Faillissement en loon

Bij een faillissement van een werkgever kan de curator de arbeidsovereenkomsten met de werknemers op grond van artikel 40 lid 2 Faillissementswet opzeggen met inachtneming van een opzegtermijn van ten hoogste zes weken. Gedurende die periode loopt de arbeidsovereenkomst door. Het door de failliete werkgever verschuldigde loon is vanaf datum faillissement een boedelschuld. Een boedelschuld heeft de hoogste rang in een faillissement en wordt met voorrang voldaan.

Rente over het loon

Wordt het loon na faillissement te laat betaald? Dan kan er sprake zijn van verzuim. Eerder (in 2021) heeft de Hoge Raad in het PaperlinX-arrest geoordeeld dat de failliete werkgever wettelijke rente over het loon verschuldigd is, indien er verzuim bestaat ten aanzien van de voldoening van het loon na datum faillissement. Deze vordering uit hoofde van rente kwalificeert in dat geval als boedelschuld. Is er een contractuele rente overeengekomen, dan kwalificeert deze contractuele rente ook als boedelschuld.

In het arrest van 13 februari 2026 heeft de Hoge Raad geoordeeld dat het hierbij niet uitmaakt of de loonvordering van de werknemer valt onder de aanspraken die hij heeft op grond van de loongarantieregeling en derhalve door het UWV wordt overgenomen.

Belangrijk is dat het bestaan van een aanspraak van werknemers op het UWV (loongarantieregeling) hier niets aan afdoet. De mogelijkheid dat het UWV het loon (gedeeltelijk) overneemt, maakt niet dat de tekortkoming niet aan de werkgever kan worden toegerekend. 

De wettelijke verhoging bij te late loonbetaling

Op grond van artikel 7:265 BW heeft een werknemer recht op een wettelijke verhoging, indien:

(i) het loon niet uiterlijk de derde werkdag na die waarop het loon betaald had moeten zijn, is betaald en

(ii) dit niet-voldoen aan de werkgever is toe te rekenen. 

Nu de arbeidsverhouding zoals die voor faillissement gold, tijdens faillissement ongewijzigd voortduurt zolang de arbeidsovereenkomst nog niet is geëindigd, oordeelt de Hoge Raad dat de werknemer, indien aan voornoemde voorwaarden is voldaan, recht heeft op de wettelijke verhoging.

Een gebrek aan geldmiddelen bij de curator, dan wel onzekerheid daaromtrent zorgt er niet voor dat het niet-voldoen niet toerekenbaar is. Bovendien is niet van belang of voor de aanspraak op loon waarop de wettelijke verhoging betrekking heeft, ook jegens het UWV een aanspraak op betaling bestaat op grond van de loongarantieregeling. Wel kan de rechter oordelen dat het faillissement of betalingsonmacht van de werkgever voldoende grond is om ex artikel 7:625 lid 1 BW tot matiging van de wettelijke verhoging over te gaan. 

Rang van de vorderingen uit hoofde van rente en wettelijke verhoging

Zowel de wettelijke rente als de wettelijke verhoging die verschuldigd is over het loon vanaf datum faillissement is derhalve een boedelschuld. Daarbij is de wettelijke rente een concurrente boedelschuld en de wettelijke verhoging een bevoorrechte boedelschuld ex artikel 3:288 BW. Een werknemer krijgt derhalve over het niet-betaalde loon twee hoog gerangschikte vorderingen in het faillissement.

Voor de boedel betekent dit dat de totale loongerelateerde verplichtingen in faillissement aanzienlijk kunnen oplopen. 

Informatieplicht curatoren

Tot slot heeft de Hoge Raad in dit kader overwogen dat een behoorlijke taakuitoefening van de curator kan meebrengen dat hij de werknemers op de hoogte stelt van hun aanspraak jegens de boedel op loon, de wettelijke rente en de wettelijke verhoging. In dit verband volstaat een kennisgeving aan de werknemers.

Meer informatie?

Heb je te maken met een faillissement en hier vragen over? Neem gerust contact op met mij of een van de andere insolventierecht advocaten.

veel gestelde vragen over 
loonverplichtingen na faillissement

Heeft een werknemer recht op wettelijke rente bij te late loonbetaling na faillissement?

Ja. Als het loon na faillissement niet tijdig wordt betaald en sprake is van verzuim, is wettelijke rente verschuldigd. De Hoge Raad heeft bevestigd dat deze rente kwalificeert als boedelschuld. Dat betekent dat de rente vóór veel andere schulden uit de boedel moet worden voldaan

Is de wettelijke verhoging bij te laat betaald loon ook een boedelschuld?

Ja. De wettelijke verhoging bij te late loonbetaling geldt eveneens als boedelschuld. Deze heeft zelfs een bevoorrechte rang. De rechter kan de verhoging wel matigen, maar dat is geen automatisme.

Wat is het verschil tussen een concurrente en bevoorrechte boedelschuld?

Beide zijn boedelschulden en worden uit de boedel betaald. Een bevoorrechte boedelschuld heeft echter voorrang boven een concurrente boedelschuld. De wettelijke verhoging heeft een hogere rang dan de wettelijke rente.

Kan de rechter de wettelijke verhoging matigen bij faillissement?

Ja. Op grond van artikel 7:625 BW kan de rechter de wettelijke verhoging verminderen. Faillissement of betalingsonmacht kan daarvoor een reden zijn, maar de rechter beslist dit per geval.

Wanneer is wettelijke rente verschuldigd over loon?

Wettelijke rente is verschuldigd wanneer het loon niet tijdig wordt betaald en de werkgever in verzuim is. Dat geldt ook tijdens faillissement, zolang de arbeidsovereenkomst nog niet is geëindigd.

Moet een curator werknemers informeren over hun aanspraken?

De Hoge Raad heeft overwogen dat een zorgvuldige taakuitoefening kan meebrengen dat werknemers worden geïnformeerd over hun aanspraken op loon, rente en wettelijke verhoging. Een kennisgeving kan daarvoor voldoende zijn.