MENU
studiekostenbeding, nevenwerkzaamhedenbeding, europese richtlijn, studiekostenbeding voorwaarden, studiekostenbeding in arbeidsovereenkomst, verbod op nevenwerkzaamheden

Studiekostenbeding en nevenwerkzaamhedenbeding op de schop door Europese richtlijn?
29-09-2021

Om te voorkomen dat een werknemer direct na het voltooien van een opleiding uit dienst treedt en u als werkgever achterblijft met de kosten, wordt met regelmaat een studiekostenbeding opgenomen in de arbeidsovereenkomst met een terugbetalingsverplichting. Ook bevat een arbeidsovereenkomst vaak een nevenwerkzaamhedenbeding, waarin is bepaald dat het de werknemer verboden is om tijdens het dienstverband werkzaamheden te verrichten voor een andere werkgever.

Deze twee bedingen kunnen voor de werknemer erg belastend zijn en staan nu ter discussie vanwege de Europese richtlijn betreffende transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden in de EU. Waar dient u als werkgever straks rekening mee te houden? 

Doel en implementatie van de Europese richtlijn

Het doel van deze Europese richtlijn is om de arbeidsvoorwaarden te verbeteren door transparantere en beter voorspelbare werkgelegenheid te bevorderen en tegelijkertijd te zorgen voor aanpassingsvermogen op de arbeidsmarkt.

Op 1 augustus 2022 moet de richtlijn geïmplementeerd zijn en omgezet in (Nederlandse) wetgeving. Deze richtlijn heeft gevolgen voor het studiekostenbeding en het nevenwerkzaamhedenbeding. 

Studiekostenbeding verleden tijd?

Wat gebeurt er met het studiekostenbeding zodra de Europese richtlijn is geïmplementeerd? Is het studiekostenbeding vanaf 1 augustus 2022 niet meer toegestaan? 

In artikel 13 van de richtlijn staat:  

De lidstaten zorgen ervoor dat wanneer de werkgever op grond van het Unierecht of het nationale recht of collectieve overeenkomsten verplicht is zijn werknemers een opleiding te verstrekken om het werk waarvoor zij zijn aangeworven uit te voeren, deze opleiding kosteloos wordt aangeboden aan de werknemers, als arbeidstijd wordt beschouwd en, indien mogelijk, plaatsvindt tijdens de werkuren.” 

Uit dit artikel blijkt dat het vooralsnog alleen gaat om opleidingen die verplicht zijn op grond van de wet of een cao. Alleen die opleidingen dient u als werkgever kosteloos aan te bieden. 

Deze verplichting heeft overigens geen betrekking op beroepsopleidingen of opleidingen die werknemers verplicht moeten volgen voor het verkrijgen, behouden of vernieuwen van een beroepskwalificatie.  

Het studiekostenbeding gaat vooralsnog dus niet volledig op de schop, enkel en alleen waar het gaat om de verplichte opleidingen. Gaat het om niet-verplichte opleidingen dan kunt u ook na de implementatie van deze richtlijn nog steeds een studiekostenbeding overeenkomen met uw werknemer.  

Niet te vergeten dat de richtlijn geen bindende werking heeft, wat dus nog ruimte laat voor de Nederlandse wetgever om te bepalen ‘hoe’ de richtlijn wordt geïmplementeerd.  

Op dit moment is het nog onduidelijk wat dit verder gaat betekenen voor het studiekostenbeding en de geldigheid daarvan. Ook zal nog moeten blijken wat dit gaat betekenen voor studiekostenbedingen die voor 1 augustus 2022 zijn overeengekomen, worden die per 1 augustus 2021 onmiddellijk nietig of zal er een overgangsperiode gaan gelden?  

Verbod op nevenwerkzaamheden straks verboden

De implementatie van de Europese richtlijn brengt mogelijk ook gevolgen met zich mee voor het nevenwerkzaamhedenbeding.  

In artikel 9 van de richtlijn staat:

“1. De lidstaten zorgen ervoor dat de werkgever de werknemer niet verbiedt, buiten het werkrooster bij die werkgever, voor andere werkgevers te gaan werken en dat de werkgever de werknemer daarvoor geen nadelige behandeling doet ondergaan.

2. De lidstaten kunnen voorwaarden vastleggen voor het gebruik van onverenigbaarheidsbeperkingen door werkgevers, om objectieve redenen, zoals gezondheid en veiligheid, de bescherming van de vertrouwelijkheid van bedrijfsinformatie, de integriteit van overheidsdiensten of het vermijden van belangenconflicten.” 

De richtlijn bepaalt dat het in principe verboden is om uw werknemers te verbieden om buiten werktijd werkzaamheden voor een andere werkgever te verrichten. Hoe definitief dit verbod zal zijn, moet nog blijken. De Nederlandse wetgever kan namelijk bij de implementatie, met gebruikmaking van lid 2 van artikel 9 van de richtlijn, uitzonderingen op dit verbod opnemen in de wet in kader van de gezondheid en veiligheid, bescherming van vertrouwelijke bedrijfsinformatie, integriteit van overheidsdiensten of het vermijden van belangenconflicten. Zo zou u als werkgever bijvoorbeeld nevenwerkzaamheden moeten kunnen verbieden met een beroep op de Arbeidstijdenwet. 

Er is inmiddels al een wetsvoorstel implementatie EU-richtlijn transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden gedaan. Dit wetsvoorstel is nog niet gepubliceerd, maar uit het advies van de Raad voor de rechtspraak van 4 mei 2021 over het wetsvoorstel kan echter wel worden afgeleid wat het wetsvoorstel inhoudt. Hieruit volgt dat als het aan de wetgever ligt, u als werkgever straks slechts in uitzonderingsgevallen nog nevenwerkzaamheden kunt verbieden. Daarbij is de lijst van uitzonderingen niet uitputtend. Wel zal een te vergaande beperking voor het verrichten van nevenwerkzaamheden nietig zijn. 

Ook zou het volgens de Raad verstandig zijn om als werkgever de reden van het verbod op te nemen in de arbeidsovereenkomst. Dit zou voor de praktijk kunnen gaan betekenen dat een nevenwerkzaamhedenbeding straks uitsluitend is toegestaan op het moment dat de werkgever schriftelijk kan motiveren waarom een dergelijk beding noodzakelijk is, met benoeming van de specifieke uitzondering, vergelijkbaar met de motiveringsverplichting die we al kennen bij een concurrentiebeding in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd.  

Wat kunt u nu alvast doen?

Het is nog niet bekend hoe de richtlijn wordt geïmplementeerd en welke uitzonderingen mogelijk zijn. Op dit moment kunnen we dus alleen nog maar speculeren.

Ter voorbereiding op wat wellicht komen gaat, kunt u er als werkgever wel alvast over na denken om wat voor redenen u een nevenwerkzaamhedenbeding noodzakelijk acht en waarom dit dient te worden opgenomen in de arbeidsovereenkomst. Daarnaast kunt u alvast op een rij zetten welke afspraken er op dit moment worden gemaakt of zijn gemaakt met betrekking tot de studiekosten.   

Meer weten over het studiekostenbeding of het nevenwerkzaamhedenbeding?

Heeft u nog vragen over de Europese richtlijn transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden? Of heeft u vragen over het opstellen van een studiekostenbeding of een nevenwerkzaamhedenbeding? Neemt u dan gerust contact op met mij of een van de andere arbeidsrechtadvocaten

© 2021 RWV